
Germaine logeert een paar daagjes bij ons. We staan samen de kerstboom op te ruimen als voor de zoveelste keer mijn telefoon een piepje geeft en meldt dat er een nieuw appje is binnen gekomen. “Wat is dat toch?” vraagt ze. “Ach”, zeg ik, “vanmorgen is er een link doorgegeven waarmee je kunt stemmen op het buurtpark hierachter. Iedereen die gehoor heeft gegeven aan de oproep laat dat nu via de app weten.” “Mega irritant” antwoordt Germaine. “Het lijken wel kleuters die willen laten weten hoe goed ze bezig zijn en een sticker van de juf willen”. “Zo gaat dat hier nu eenmaal”, zeg ik. De een is nog beter en groener bezig als de ander en dat willen ze laten weten.

“Leuk die alternatieve kerstboom van jou” zegt Germaine. “Ik ben blij met je compliment want de laatste jaren wil ik geen echte boom meer in huis” zeg ik. Als je toch bedenkt hoeveel huishoudens Nederland telt en als je een boom per huishouden rekent dan kom je op afschuwelijke aantallen. Nu worden ze weliswaar gekweekt maar dat is een zeer slap excuus om weer een boom naar de mallemoer te helpen. Dan maar een nepboom of een alternatieve. De mijne heb ik gemaakt van snoeihout van de Catalpa die in de tuin staat. “Geniaal”, zegt ze, “maar sterker nog: er schijnen mensen te zijn die wel vijf bomen neerzetten.” “Lieve help”, zeg ik onthutst, “wat moet dat niet wel kosten? Voor een beetje boom ben je wel 30 Euro kwijt.” “Tja, weet ik ook niet. Je kunt niet in andermans beurs kijken” antwoordt ze. “Weet je wat ik zo leuk vind aan de kersttijd? Dat mensen hun tuin versieren met allemaal lichtjes waardoor die donkere dagen een beetje opgefleurd worden.”

“Helemaal mee eens”, zeg ik glimlachend. “Het geeft een heel knusse sfeer; jammer dat het inmiddels januari is en een groot deel alweer opgeruimd is.” “Maar weet je”, zegt Germaine, “ik had laatst een enorme discussie met een buurman van me, die dat zo’n verspilling van energie vond”. “Je meent het!”, zeg ik verontwaardigd. “Bij mij moeten ze niet met zo’n onzin aankomen. Alle energie die ik verbruik heb ik zelf opgewekt. Mag ik dan alsjeblieft ook zelf bepalen waaraan ik hem verspil? Ik heb zelf ook de nodige led kerstlampjes buiten hangen.” Ik voel dat ik op dreef begin te raken. “Ja”, zegt Germaine, “ik kreeg bijna ruzie met die gast toen ik hem fijntjes erop wees dat die terrasverwarming van hem nou ook niet bepaald milieuvriendelijk is. Bovendien is er aan zijn huis in bijna 50 jaar niets meer gebeurd. Over energiezuinig gesproken.”

“Dat is nu zo’n dingetje dat hier in de buurt ook speelt”, zeg ik. “Er staat hier een huis in de straat al maanden te koop. En dat in een buurt waar door de woningkrapte zelfs huizen onderhands van eigenaar verwisselen. Ik hoor vertellen dat er sinds de seventies niets meer aan dat huis is gedaan. Dan heb je wat je noemt een opknappertje waar je één tot anderhalve ton extra voor mag uittrekken.” “Ja, dan snap ik het wel”, zucht Germaine. “Zal ik voor ons een drankje inschenken?” We toasten op het nieuwe jaar als er nog een paar pingeltjes van mijn mobiel te horen zijn. Het is inmiddels donker geworden en de temperatuur gedaald tot het vriespunt. De eerste sneeuwvlokken dwarrelen naar beneden en geven de tuin een sprookjesachtig uiterlijk.

We steken de open haard aan en kijken naar buiten. “Hoe gaat het verder?”, vraagt Germaine. Ik haal mijn schouders op en zucht. “Afwachten, hoe snel of langzaam de medische molen gaat lopen. Mijn heup en enkel zijn nog niet wat het moet zijn. Maar daar heeft niemand een boodschap aan. Ik wilde dat ik daarvan af was”. Germaine slaat haar arm om me heen en roept: “ik ga je opvrolijken. Laten we samen eens kijken of we een leuke vakantie kunnen vinden op het web” Daar voel ik wel voor, om even in gedachten weg te zijn uit de troosteloze Nederlandse winter. “Wat wil je?”, vraagt ze, “vliegen of met de auto?” Oh, hemeltje dat komt al heel snel neer op keuzes maken. En als ik ergens slecht in ben dan is het dat. Keuzestress heet dat. De trouwe lezer begint meteen te lachen want bij keuze stress grijp ik snel naar de wijnfles. “Laat ik het probleem anders benaderen”, zeg ik ontwijkend. “Ik wil in elk geval ergens heen waar ik nog niet eerder was. Bovendien is het budget klein en dan valt er al een hele hoop af.” Het is weer die tijd van het jaar dat de touroperators je helemaal platbombarderen met de mooiste beloften. Maar of daar mijn geluk ligt?

“Heb je goede voornemens gemaakt voor dit jaar?”, vraagt Germaine. “Ik doe er niet meer aan”, zegt ze en nipt aan haar wijntje. “Nou”, zeg ik aarzelend, “een ding is zeker. Ik moet flink afvallen want in de afgelopen maanden zijn er dankzij mijn verminderde mobiliteit toch een paar kilootjes blijven plakken. “Ik ben er helemaal klaar mee”, roept Germaine opstandig. “Alles wat een mens plezier geeft wordt extra duur gemaakt of verboden”. “Helaas wel” zucht ik, “maar ik ben wel blij dat ze die suikertaks per 1 januari hebben ingevoerd. Ik las dat dat je voor een blikje Red Bull 3,50 euro moet neertellen.” “Dat mag van mij wel 10 euro worden” roept Germaine. Die rotzooi hoort verboden. Maar ja, je moet wel heel duur zijn wil je een formule 1 team sponsoren. Ik voel dat we niet ver verwijderd zijn totdat ze haar afkeer over onze nationale trots Max Verstappen gaat spuwen. Ik kijk haar aan en weet onmiddellijk waarom we zulke dikke vriendinnen zijn. Sommige zaken of mensen haten we allebei evenzeer en het is toch heerlijk deze zaken bij een knapperend haardvuur te kunnen delen.




