
De voorpret begint al bij het maken van de reserveringen bij de hotelletjes waar we op weg naar onze eindbestemming zullen overnachten. Hieraan stel ik toch de nodige eisen. Ik wil niet in de grote ketens slapen maar in een authentiek frans hotel. Ideaal hiervoor is de site “Logis de France”. De hotels moeten aan de volgende criteria voldoen: Wifi, een eigen parking en ze moeten een restaurant hebben. Na een lange dag van rijden wil ik niet nog naar een restaurant moeten zoeken en ik wil een heerlijk glaasje wijn drinken. Meer als de trap op, wil ik niet lopen.
Dit jaar hebben we twee overnachtingen gereserveerd op de heenreis: eentje aan de Loire en eentje in de Dordogne. Beiden stellen ze niet teleur en voldoen helemaal aan mijn verwachtingen. De Franse keuken blijft verrukkelijk. We hebben een tafeltje in een charmante tuin maar moeten door een hoosbui na het voorgerecht helaas toch naar binnen verkassen. Maar het eten smaakt desalniettemin heerlijk.

Wat heeft corona met Frankrijk gedaan vraag ik me af. Ik observeer hoe het land met deze nare pandemie omgaat. Overal zie je nog handontsmetters die in Nederland al grotendeels verdwenen zijn. In de apotheek draag je een mondmasker maar in de supermarkt zie ik tot mijn opluchting dat ze niet nodig zijn. Her en der zie ik wel mensen die nog met een mondmasker rondlopen. Nederland heeft corona compleet verdrongen in het collectieve geheugen maar in Frankrijk is het nog voelbaar.
Dit is de zomer dat iedereen met vakantie wil. Er hangt een aparte sfeer. Iedereen wil er op uit en de verloren zomers van 20 en 21 inhalen. Was vakantie altijd iets vanzelfsprekends, nu weten we allemaal weer hoe kostbaar die tijd is en het lijkt wel alsof iedereen er meer van geniet als voorheen.

Ieder jaar weer merk ik op dat tomaten in het Zuiden véél lekkerder zijn als onze kastomaten. Ik weet dat het een open deur is maar het overvalt me telkens weer. Je krijgt gewoon zin om een heerlijke ratatouille te maken met vers, knapperig stokbrood. Ons vakantieadres heeft een grote gasbarbecue waar we dankbaar gebruik van maken. Zonder uren in de keuken hebben we een heerlijke salade in elkaar geflanst en dat met een paar lekkere worstjes van de barbecue. Moeilijker hoeft het niet te zijn.

Na twee dagen het land doorkruisen bereiken we onze eindbestemming. We komen aan met een flinke lading boodschappen. Het is altijd weer een genot om door een grote Franse super te struinen en je kar vol te laden met allerlei lekkernijen die je thuis niet krijgt (of alleen bij de traiteur) We zitten in de streek van de foie gras en het lijkt of er op elke hoek een winkeltje is die het verkoopt. Alleen al de afdeling wijn in een doodnormale supermarkt voelt als een snoepwinkel voor kinderen. Het leuke is dat je voor een heerlijk flesje niet meteen een rib uit je lijf kwijt bent. En bovendien: waar anders als in Frankrijk haal je een sixpack met 2 liter waterflessen bij de super? Bij de verwachte hitte moet je goed blijven water drinken.
We zitten in een toeristen-arme streek ten Zuiden van de Dordogne. We huren een huis van een stel Engelse pensionado’s. Zij verblijven hier ruim negen maanden per jaar en hebben inmiddels een kennissenkring opgebouwd met andere Engelse expats. Dat lijkt me ook nodig want anders is het leven hier heel saai. Wij genieten een week van de heerlijke rust maar op de lange termijn lijkt het me moeilijk vol te houden. De streek is aan het vergrijzen. Er is amper werk waardoor de jonge mensen naar de grote steden trekken. Een ritje naar de bakker is ruim 20 minuten met de auto hetgeen wel aangeeft hoe dunbevolkt de streek is.

Op aanwijzing van onze gastheer besluiten we een marché gourmand op een avond te bezoeken. We googelen dit evenement en hier treffen we de aanwijzing aan dat je je eigen bestek moet meenemen. Geen idee wat dit zal inhouden. We rijden twee dorpen verder en volgen de aanwijzing om te parkeren. Als snel is duidelijk wat de bedoeling is. Op een plein staat een enorm grote rechthoekige tent zonder zijflappen. Erin staan lange tafels met stoelen en ook buiten de tent staan lange tafels opgesteld. In het midden bevindt zich een klein podium waar een optreden zal worden verzorgd. Hier omheen staat diverse foodtrucks waar een grote variatie aan voedsel te koop is. We zoeken een plekje aan een tafel en bekijken het gebeuren. Drank is te koop met munten. Je betaalt een drankje met een of meer munten. Voor het eerst in mijn leven maak ik mee dat de rosé goedkoper is als frisdrank. Daar kan ik mee leven. We beginnen onze culinaire avond met een borrelplankje. De kwaliteit is top. We waren vroeg aanwezig maar in een mum van tijd zijn alle tafels bezet. Er komen mensen naast ons zitten die eigen glazen en een tafellaken meebrengen. De sfeer is top en iedereen heeft er zin in. De variëteit van foodtrucks is enorm. Thais, Japans, Italiaans, Frans maar ook een lekker dikke hamburger met frietjes is verkrijgbaar. Er is echt voor ieder wat wils.

Ik verwachtte een avondmarkt met streekproducten maar dit is veel leuker. Als de zon onder is gaan de lampjes tussen de grote platanen aan en het is de perfecte zomeravond. Jong en oud, toeristen en locals; het is de perfecte mix zodat het aangenaam blijft. Persoonlijk heb ik een gruwelijke hekel aan evenementen waar toeristen de boel platlopen en geen lokale mensen te bekennen zijn. Gelukkig bestaat het hier nog want aan de Côte d’Azur, de mooiste streek van Frankrijk, is het toerisme dermate overvol dat er geen lol meer aan is. Om nog maar te zwijgen over de belachelijke prijzen die overal gerekend worden. Hier hebben we een heerlijke avond gegeten en gedronken met prijzen tussen 10 en 15 euro per persoon. Maar wel je eigen bestek meenemen.

Telkens weer realiseer ik me weer als we Frankrijk doorkruisen hoe groot dat land eigenlijk is. Het is een overwegend agrarisch land waar men nog nooit van stikstofcrisis heeft gehoord. Ook Frankrijk moet de energietransitie maken en het zet aarzelend de eerste stapjes. Heel af en toe zie ik een Tesla rijden of een Renault Zoe. Als ik de berichten in de Nederlandse kranten mag geloven is het nog een hele expeditie om met een elektrische auto in Frankrijk op vakantie te gaan. De meeste pompstations langs de snelweg hebben laadpalen, althans dat wordt aangegeven maar ik heb geen idee of je dan lang moet wachten totdat je aan de beurt bent. Wel zag ik tot mijn verbazing bij een van onze overnachtingsadressen een elektrische laadpaal. Slimme zet dacht ik nog. Zo trek je reizigers die je anders nooit had gehad. Natuurlijk kom je ook windmolens tegen maar over het hele land gezien, relatief weinig. Voor zonnepanelen geldt hetzelfde. Bij mij in de straat heeft ongeveer twee derde van de bewoners zonnepanelen maar in Frankrijk waar toch zeker meer zonuren zijn als hier zie je amper een zonnecel. Raar vind ik dat. Een onderwerp waar ik me toch eens in moet verdiepen. Als ik het niet zie wil dat niet zeggen dat het er niet is maar als ik van Maastricht naar Amsterdam rijdt zie ik meer windmolens en zonnepanelen als van hier naar Zuid-Frankrijk.

Op de terugreis hebben we eveneens twee overnachtingen. Bij geen van de hotels had ik een tafel gereserveerd voor het diner. Aanschuiven is nooit een probleem behalve als het zaterdag is. Bij het laatste hotel in Lunéville bleken alle tafels al gereserveerd dus waren we genoodzaakt het stadje in de lopen voor een restaurant. Dat was dus een probleem en pas bij het zevende restaurant konden we terecht voor een tafeltje voor twee. Dat is dus iets om te onthouden voor de toekomst. Op zaterdag gaat heel Frankrijk buiten de deur eten en kom je er maar heel moeilijk tussen zonder reservering. Maar de aanhouder wint.

De beste manier om te betalen voor een mooi moment is ervan te genieten
Richard Bach (1936)




